Existentiële nachtmerrie
Oldboy volgt Oh Dae-su (gespeeld door Choi Min-sik), een man die zonder uitleg vijftien jaar lang wordt opgesloten in een kleine kamer. Geen proces, geen aanklacht, geen antwoorden. Alleen een televisie als venster op de wereld. Wanneer hij even plotseling wordt vrijgelaten als hij gevangen werd, start een obsessieve zoektocht naar zijn ontvoerder, gedreven door één allesoverheersende vraag: “waarom?”
Wat volgt is geen klassieke wraakfilm, maar een steeds donkerder wordende puzzel over schuld, herinnering en morele grenzen. Park Chan-wook speelt bewust met verwachtingen: elke onthulling is schokkend en verandert hoe je de film tot dan toe hebt ervaren.
Cinematografie als moreel statement
Zelfs wie Oldboy niet heeft gezien, kent vaak wel die ene scène: Oh Dae-su die zich met een hamer door een gang vol tegenstanders vecht. De scène is gefilmd in één lange, horizontale take, zonder snelle montage of heroïsche muziek. Juist daardoor voelt het gevecht pijnlijk menselijk: vermoeiend, rommelig en onhandig. Park Chan-wook zei ooit dat hij geweld niet mooier wilde maken dan het is. En dat zie je. Elke klap doet pijn, elke beweging kost energie. Cinematografie wordt hier geen versiering, maar een moreel statement.
Choi Min-sik’s volledige overgave
Voor zijn rol als Oh Dae-su ging Choi Min-sik extreem ver. Hij viel tientallen kilo’s af, trainde maandenlang voor de actiescènes en stond erop om zoveel mogelijk zelf te doen. Het beruchte moment waarop zijn personage een levende octopus eet? Dat gebeurde écht! Meerdere keren zelfs, omdat de eerste take technisch niet goed was.
Choi Min-sik zei later dat hij Oh Dae-su niet wilde spelen als held of slachtoffer, maar als iemand die langzaam zijn menselijkheid verliest. Dat maakt zijn vertolking zo confronterend: je voelt zijn woede, maar ook zijn verwarring en schaamte.